SNEEUW, VLAGGEN EN D.G.G.C.

By Devika Partiman

We zijn er: de Verenigde Staten! Om precies te zijn in Boston, Massachusetts. Na een 8-urige vlucht vol films (Clueless!), halfbakken pogingen tot slapen en slap ouwehoeren lopen we de gate uit, recht tegen de eerste Amerikaanse vlag aan. Die blijkt alom aanwezig: hij hangt op het vliegveld, pronkt bovenop gebouwen en wappert in voortuinen langs de huizen waar we rijden. Op weg van het vliegveld naar ons eerste hotel zien we nog veel meer clichés: enorme auto’s, grote, gekleurde houten huizen, billboards met mannen met cowboyhoeden en overal Dunkin’ Donuts. Als glazuur op de donut is alles bedekt met een laagje sneeuw. Oh, Amerika :).

We brengen onze spullen naar een langs de weg gelegen hotel met ernaast natuurlijk wederom een Dunkin’ Donut. Dit keer haalt iemand van ons een doos vol geglazuurde, bespikkelde goodies – ik heb er een nieuwe verslaving bij. Gelukkig heb ik niet al te veel tijd om hieraan toe te geven, want we moeten door naar onze allereerste activiteit: een bezoek aan The Friendly Toast in nabijgelegen plaatsje Cambridge.

The Friendly Toast is een pub-achtig restaurant met knalgroene muren die vol hangen met oerlelijke parafernalia, waar we gaan eten met gasten Loeki Westerveld, Daan Cramer, Tim de Gier, Wonbo Woo en Mary Meehan. Nog voordat we onze gasten leren kennen bestellen we eten, en in tegenstelling tot onze verwachtingen staat er lang niet alleen maar fastfood op de kaart, zijn de porties zijn van ‘normaal’ formaat, en kan je bij je friet ook gewoon mayo bestellen als je niet van ketchup houdt. Tafelgenoot Jeroen en ik besluiten tot een compromis van ongezond en gezond: we delen een vegan rijstmaaltijd met geroerbakte groenten en tofu én een D.G.G.C. oftewel Damn Good Grilled Cheese. Complimentair bij de maaltijd krijg je een ongelimiteerde hoeveelheid frisdrank, voor je dagelijkse (enorme) portie suiker.

Ondertussen is het tijd voor een korte introductie van de mensen met wie we aan tafel zitten. Loeki, Daan en Tim zijn oud-BKB Academici. Tim, journalist voor Vrij Nederland, is samen met Mary (journalist uit Kentucky, gespecialiseerd in zorg) en Wonbo (tv producent) zijn zogeheten Harvard Nieman Fellows; “accomplished and promising journalist, given the gift of time and intellectual resources to fortify their work.”  op Harvard een jaar lang mogen reflecteren op journalistiek. Ook Loeki doet – als +1 van Tim – mee aan dit programma. Daan doet een MBA aan de Harvard Business School.

Aan tafel wordt rustig met elkaar en de gasten gepraat. Zo vang ik een anekdote op van Daan over zijn favoriete leraar die lesgeeft door alleen maar vragen te stellen; door studenten zijn vragen te laten beantwoorden geeft hij ze – met her en der wat sturing – zijn lessen mee. Ook vertelt Daan dat hij medestudenten het verschil moest uitleggen tussen socialisme en communisme; termen die in de VS vaak in één adem worden genoemd (en als scheldwoord worden gezien). Ondanks dat iedereen moe is praten we over Harvard en de vele fellowships die deze school organiseert, de stad Boston, de Verenigde Staten en natuurlijk de huidige verkiezingen. Ondanks dat we niet rechtstreeks vragen wie de gasten steunen, is duidelijk dat we omringd worden door democraten.

Het is nog vroeg als de groep collectief besluit af te taaien; we zijn moe en de gasten hebben beloofd de komende week nog langs te komen bij een van onze vele andere activiteiten. Het idee van ‘in Amerika zijn’ is bij mij na een avond lang omringd te zijn met vrijwel alleen maar Nederlanders vrijwel volledig verdwenen. Gelukkig zien we buiten, met onze voeten in de sneeuw, alweer zo’n prachtig belichte wapperende Amerikaanse vlag.